Kindertolk
Marguérite van der Linden

Vroeger kreeg ik elke dag yoghurt als toetje, met een schepje suiker, een beetje appelmoes of met een beschuit erin.  Op zondag aten we vla, vanille of chocolade of half-om-half , dan schonk mijn moeder uit twee glazen flessen (!!) tegelijk in het schaaltje. Dat vond ik heel bijzonder. Mijn moeder heeft de dubbelvla uitgevonden.

Mijn moeder was mijn toetjesheld. Ze kookte ook griesmeelpap of custardvla. Of rijstepap met boter en bruine suiker…mmm…..

Later kwam er blanke vla en hopjesvla. En ‘Jolly pudding’ in zo’n wegwerp puddingvorm. Die moest dan verdeeld worden, dat was een hele kunst om dat in gelijke porties te doen. Toen ik uiteindelijk het enige nog thuiswonende kind was, aten mijn vader en ik zo'n hele pudding met zijn tweeën op.  Want dat is nu waar het over gaat; mijn moeder at zelf nóóit een toetje, zelfs niet met Kerst. En ik weet tot op de dag van vandaag niet waarom.  Ze vond dingen al snel te zoet,  maar ze at wel graag chocola of koekjes. Wat had ze tegen die toetjes? Was het zuinigheid, zodat wij méér hadden? Of was het haar manier om op gewicht te blijven? Ik kan het haar niet meer vragen. Maar dat is ook eigenlijk niet waar het om draait.

Op een dag, ik zal een jaar of acht, negen geweest zijn, bleef ik voor het eerst eten bij een vriendinnetje. Tot mijn grote verbazing, schok zelfs, at háár moeder wel mee met het toetje. Ik snapte er niks van. Moeders eten toch geen toetjes? Wat een rare moeder was dat.

Later, veel later, ben ik pas gaan begrijpen dat moeders wel toetjes eten, alleen de míjne niet.

Waarom ik dit vertel? Het is me zo bijgebleven. En het bewijst hoe jonge kinderen alles wat hun ouders zeggen of doen (of laten) kopiëren. Papa en mama zijn de waarheid, zeggen de waarheid en weten altijd de waarheid. Zo werkt het, net als kuikentjes die blind achter moeder kip aan lopen.

Onze kuikentjes, die zo puur en onbevangen zijn, pikken alles heel snel op en nemen het haarfijn over. Als we ons daar bewust van zijn hoef je eigenlijk niet meer op te voeden. We leven voor en kinderen doen ons na. Dat is dus zo met toetjes eten, maar bijvoorbeeld ook met klusjes; als wij laten zien dat wij ons ook inzetten voor iets dat misschien wat minder aantrekkelijk is, bijvoorbeeld onze jas aan de kapstok hangen, de deur dicht doen, onze spullen opruimen…, dan is dat voor ons kind 'normaal'. Zo ook als wij lang, heel lang, verstopt zitten achter onze telefoon, je niet kan verwachten dat een kind dan blij wordt als er een maximum schermtijd geldt. En zelfs hoe wij omgaan met onze emoties wordt door onze kinderen overgenomen als de enige, juiste manier om om te gaan met verdriet, angst of boosheid.

Als wij schreeuwen omdat we ergens over gefrustreerd zijn, dan leer je je kind dat schreeuwen de oplossing is om met frustraties om te gaan. Als jij bij een discussie boos wegloopt dan leer je je kind om bij conflicten de benen te nemen. Of als jij liever niet huilt waar je kind bij is, dan geef je een signaal dat verdriet weggestopt dient te worden.

Dus... als je iets misschien liever anders zou zien bij je kind...

Het is dus niet erfelijk als jouw kind zich net zo gedraagt als jij (of jouw partner). Je kunt het patroon doorbreken. Maar soms is het een blinde vlek, dan snap je niet waarom jouw kind doet wat ie doet. In dat geval ben je welkom bij de kindertolk. (krijg je er een toetje bij)

 

Marguérite van der Linden
Kindertolk
 
 

© That is why 2015 - 2018 Algemene voorwaarden || VetArts